Biodiversiteit troef in Lyceum Aalst

Experimenteren met lokale variëteiten zorgt voor meer biodiversiteit

17 juni 2020 - Interview met Ruben Meert, leerkracht natuurwetenschappen en wetenschappelijk werk in het Lyceum Aalst

En toen was er een idee

Een tiental jaar geleden viel het ons op dat er verscheidene verloren hoekjes waren op school. We opperden het idee om er een aantal fruitbomen te planten om onze leerlingen de kans te geven om een appel te zien groeien, of om een pruim of een perzik van een boom te plukken.

Eerst hebben we een aantal veelvoorkomende fruitvariëteiten geplant zoals een elstar-appelaar en een conférence-perelaar. Maar toen kwam mijn collega op de proppen met het idee om ook lokale vruchten van vroeger te kweken. Hij vertelde dat zijn moeder destijds 'via via' pistoolpeerkes kreeg, een lokaal ras uit de Denderstreek. Dus zijn we op zoek gegaan naar die boom. Het was wat zoeken, maar na wat omwegen hebben we hem toch ergens gevonden.
We namen een paar twijgen mee om te laten enten op een onderstam en aat heeft toen echt iets getriggerd bij ons. Want er zijn oneindig veel lokale variëteiten en het zoeken ernaar en terugvinden geeft een enorme kick. Het is levend erfgoed dat je veilig stelt.

 

Oké, een idee! En wat nu?

  • stap 1: een gedragen idee is er twee waard

Als wij op school iets voorstellen aan onze directeur, dan vertrouwt ze ons meestal 200 procent en zegt ze: ‘Ja, doe maar!’ Dat geeft de leerkrachten veel arbeidsvreugde. Maar ze weet natuurlijk ook dat die initiatieven een troef zijn voor onze school. Veel leerlingen en ouders geven aan dat ons groene karakter een rol heeft gespeeld bij hun keuze voor het Lyceum.
Alle leerkrachten staan achter onze groene werking, maar de betrokkenheid hangt natuurlijk af van persoon tot persoon. Het leuke is dat we heel klein begonnen zijn, zonder masterplan. Weet je, er kan altijd iets. Eén of twee tegels weghalen uit je speelplaats om een boom te planten, is al een begin.

  • stap 2: en nu heel concreet

We konden een deal sluiten met onze buren. Zij mochten hun bouwmateriaal even bij ons stockeren en in ruil daarvoor hebben zij voor ons een stuk verharding uitgegraven en nieuwe teelaarde aangevoerd.
Op elke vierkante meter waar iets mogelijk was, hebben we intussen ook iets geplant. In het begin lieten we onze fruitbomen enten in een kwekerij, maar nu doen we dat gewoon zelf. We hebben ondertussen meer dan 100 variëteiten zonder daar eigenlijk veel geld in te investeren.
We zetten ook in op de onderbegroeiing om de biodiversiteit te verhogen. Al wat we onder de bomen zetten, moet goed zijn voor insecten, bijen of vogels. Zo hebben we bessenstruiken voor de duiven en de merels en bloemen voor de bijen en andere insecten. Sinds we samen met de leerlingen een takkenwal hebben gemaakt, hebben we er ook drie broedvogels bij: de heggenmus, de winterkoning en de roodborst.
We zijn ook gestart met een moestuin, die we in de eerste week van september 2019 officieel ingehuldigd hebben met soep voor de hele school. Alle opbrengst van de moestuin hebben we erin geflikkerd.
Dan zijn we ook verder gaan experimenteren. Zo hebben we een appelboom waar we zeven verschillende appelrassen op hebben gezet. De vruchten van de ene tak zullen rijpen in september, de andere begin oktober en ga zo maar door. Zo leren de kinderen door ervaring en experiment meer over de natuur. Ze zien die takken aan elkaar groeien. Dat is een wonder.
Het hele project is dus eigenlijk organisch gegroeid. Er was ooit het idee van de fruitbomen, maar die bal is blijven rollen. Alle randjes, alle verloren stukjes, alle strookjes van de speelplaats die we kunnen gebruiken, hebben we beplant. Ik zie het een beetje als de never ending tour van Bob Dylan. We blijven gewoon doorgaan en als alle plaats gebruikt is, dan gaan we op ons dak beginnen, denk ik.

  • stap 3: een idee moet ook onderhouden worden

De initiatieven die je neemt, doe je in functie van de uren die je er wil en kan insteken. De moestuin is bijvoorbeeld zo groot als je zelf wil. Dat geldt ook voor het onderhoud. Als je een halfstam- of een hoogstamfruitboom zet, dan heb je daar weinig snoeiwerk aan. Aan een grote gazon heb je trouwens veel meer werk dan aan een bloemenweide of een bosje. En in de moestuin zorgt een pompoenplant wel voor zichzelf, als je geen zin hebt om veel te wieden.
Drie buren uit onze straat hebben ook een paar vierkante meter van onze moestuin in gebruik. Zij zorgen ervoor dat er tijdens de vakanties controle is en onderhoud gebeurt.
Elk jaar steken we met de leerlingen van het eerste of het tweede jaar enorm veel bloembollen in de grond, zoals krokussen en narcissen. Dat staat op het programma van de wetenschappelijke keuzevakken. En elke keer als iets rijp is in de boomgaard of de moestuin, laten we de leerlingen ook plukken. We hebben een buitenklas, en als we buiten lesgeven vragen de leerlingen wel eens of ze een stuk rabarber mogen eten. Dat vind ik dus machtig.

De impact van een idee 

Uitzicht hebben op groen in je dagelijkse omgeving heeft sowieso een positief effect op je gemoed. Zeker in tijden van droogte en hitte is een groene omgeving echt aangenaam en verkoelend. We weten allemaal dat een boom beter werkt dan een airco.
De collega’s zitten nu in de zomer buiten om hun boterhammen op te eten in plaats van in de leraarskamer. Dat is enorm ontspannend en plezant. Ook leerlingen die niet zo goed functioneren op een drukke speelplaats, kunnen we nu een rustigere omgeving aanbieden om hun pauzes te spenderen.

Als er meer natuur is,
kan je meer ademen.
Ik ben trots dat we
dit kunnen doen.

Welcome, 13 jaar

Onze groene werking is voor de leerlingen educatief zeer interessant. Ik ga regelmatig naar buiten om les te geven, over geslachtelijke en ongeslachtelijke voortplanting of over biodiversiteit bijvoorbeeld. Als ik dan een verhaal vertel over schimmels op bananenplantages, dan zie je dat veel studenten begrijpen waarover je spreekt. Ze zien dat de kans dat alle planten ziek worden kleiner wordt, naarmate je meer variëteiten hebt. Sommige leerlingen brengen ook zelf plantjes mee van thuis of stellen vragen over de moestuin.
Vorige week nog liep ik rond in onze moestuin en op de venkel zag ik twee rupsen van een koninginnepage zitten. Ongelooflijk toch: in het midden van al die verharding van de stad is onze schooltuin dus interessant genoeg voor die koninginnepage om tot hier te vliegen en haar eitjes te komen afzetten. Dat geeft ons dagdagelijks enorm veel vreugde en goesting om verder te doen.

Van groen word je
vrolijker. We voelen
ons vrijer.

Nette, 13 jaar

Aaaaaaargh! (Schrik van een idee)

Echt schrik? Nee. Er botst wel eens een bal tegen je planten of er kraakt eens een tak af, maar dat is niet onoverkomelijk. We hebben intussen ook al geleerd dat we best eerst thuis de planten opkweken en ze dan later pas uitplanten op school.
Het enige waar ik wel schrik van heb, is de toenemende verdroging. Soms staat onze tuin echt te kreunen van de droogte. We hebben zeer veel verschillende gebouwen, waar veel regen op kan vallen, maar het water loopt allemaal weg naar de riolering. Ik heb nu zelf een aantal regenpijpen afgekoppeld en omgebogen om het water naar de moestuin te laten stromen. Maar dat gaat over nog geen 5 procent van de dakoppervlakte. Er zit daar nog een enorm potentieel om meer regenwater naar onze tuin te laten stromen. Maar daarvoor moeten er structurele ingrepen gebeuren. Ik vind dat de overheid tenminste voor haar eigen gebouwen hierin het voortouw moet nemen en de nodige budgetten kan voorzien. Dat is hopelijk iets voor de toekomst!

Gegevens van de school

Lyceum Aalst
Pontstraat 51
9300 Aalst
Website van de school

Plant ook een idee! 

6roDkvE8afRJjWU0EzQd-Cnu606tDs3K3MpDMDpy_26NdsVKRAfRpgf9VwwY1GBOEli3XYtkE-4i9NmCpOU3GD1zdVq_BEq30MD3ssjlil72ulxsto7dZ0ygt4lgKPIMOAGDSxkpICVY6kJ71A Wil jij ook een idee planten in andere scholen? 

 Vul dan het formulier in