KaMOShiwijzer bij Boom zkt School

Verhaal over de boom als symbool voor biodiversiteit, nodig voor mens en dier. Bomen, vogels en andere dieren mogen ook op school hun plaats opeisen.

Thema: natuur (op school), boom, vogels

Subthema's: verdrietig zijn, oud worden, sterven, helpen, samenwerken, vriendschap

Mogelijke aanleidingen om dit verhaal te vertellen

  • Er is een boom of deel van een boom gevallen op school, in de straat, in het park, bij iemand thuis. Dit brengt heel wat emoties met zich mee.
  • Eén van de kleuters heeft het voorbije weekend, vakantie, … met papa, mama, opa, oma, … in de tuin geholpen. Ze hebben een boom aangeplant!
  • De school wil de speelplaats herinrichten en heeft vergroeningsplannen. Er staan heel wat avonturen te gebeuren! Boom zkt School wordt tevoorschijn getoverd om de kleuters te prikkelen mee na te denken over hoe zij hun school willen vergroenen.
  • De gemeente organiseert een boomplantdag en vraagt de school om mee te doen.

MOS-kerndoelen bij dit verhaal

hart

Voelen: inleven

 

De interesse voor bomen en vogels versterken.

Verbondenheid met bomen en vogels opbouwen.

hoofd met hersenen

Denken: onderzoeken

 

De kennis over bomen en vogels vergroten.

Eerste kennis verwerven over het belang van bomen en vogels.

hand

Doen: actievoeren met kinderen

Meehelpen aan de vergroening van de speelplaats.

 

Duurzame ontwikkelingsdoelstellingen (SDG's)

SDG 4 - kwaliteitsonderwijs '4.7 Er tegen 2030 voor zorgen dat alle leerlingen kennis en vaardigheden verwerven die nodig zijn om duurzame ontwikkeling te bevorderen….’
SDG 13 - klimaatactie ‘13.3  De opvoeding, bewustwording … verbeteren m.b.t. mitigatie, adaptatie, impactvermindering en vroegtijdige waarschuwing inzake klimaatverandering.’
SDG 15 - leven op het land ‘15.5 …het verlies van biodiversiteit een halt toeroepen …’

 

 

Overzicht van de prenten + bijhorende sleutelvragen en lesactiviteiten

Prent 1 – titel + coverBoom zkt school titel en cover

 

Prent 2 – Boom huiltBoom zkt school prent 2 boom huilt

Sleutelvragen die bij deze prent horen:

  • Wie was er ook al eens verdrietig? Waarom was dat?

  • Heb je toen ook geweend?

  • Vanwaar komen onze tranen?

>> Laat de kinderen hier gerust over fantaseren

 

Prent 3 – Merel, vlinder en eekhoorn bij BoomBoom zkt school prent 3 merel, vlinder en eekhoorn bij Boom

Sleutelvragen die bij deze prent horen:

  • Wat zou er met Boom aan de hand zijn?

>> Laat de kinderen hier gerust over fantaseren

 

Prent 4 – Merel en laatste zaadje op takBoom zkt school prent 4 merel en laatste zaadje op tak

Sleutelvragen die bij deze prent horen:

  • Hoe zou het komen dat Boom nog slechts één zaadje over heeft?

  • Filosoferen over oud worden, eventueel de dood (van planten, bomen, huisdier, oma / opa, …)

Prent 5 – Merel fluit op takBoom zkt school prent 5 merel fluit op tak

Sleutelvragen die bij deze prent horen:

  • Filosoferen over de betekenis van een boom voor kinderen (schaduw, natuur, luchtzuiveraar, om in/rond te spelen, als koning van het bos, houtproductie, …).

  • Wie van jullie kan er ook fluiten? Kunnen we fluiten als een merel? Zullen we eens proberen?  Koppel deze oefening eventueel aan de lessuggestie rond vogelzang (zie volgende prent).

Prent 6  - Merel, Duif, Ekster, Mus, PimpelmeesBoom zkt school prent 6 merel, duif, ekster, mus, pimpelmees

Sleutelvragen die bij deze prent horen:

  • Wie heeft er al eens een merel, duif, ekster, mus, pimpelmees gezien? Kan je ze beschrijven (aan hand van kleur, grootte, …).

  • Vinden we deze (of andere) vogels ook op onze school? Zo ja, waar wonen die dan? Indien niet, hoe zou dat komen?

Tips en suggesties voor lesactiviteiten rond VOGELS:

  • Verzamel vooraf foto’s van een merel, duif, ekster, mus en pimpelmees. Voorzie eventueel foto’s van andere vogels. Laat kinderen de juiste vogel aanwijzen. Bespreek met hen de kenmerken.

  • Iets moeilijker (voor de groteren): voorzie ook foto’s van zowel de mannetjes als de vrouwtjes. Laat de kinderen de mannetjes/vrouwtjes aanwijzen. Vraag waarop ze zich baseren en waarom ze denken dat er verschillen zijn.

  • Laat het zanggeluid van een merel horen (te vinden via Google). Vergelijk met de zang van de andere vogels uit het verhaal. Herhaal een aantal keren. Kunnen de kinderen het geluid van de verschillende vogels herkennen?

Prent 7 – Vogels zitten op BoomBoom zkt school prent 7 vogesl zitten op boom

Sleutelvragen die bij deze prent horen:

  • Wat vind je ervan dat de vogels Boom helpen? Waarom?

  • Wie heeft er zelf al eens iemand geholpen? Waarvoor was dat?

  • Hoe voelde het voor jou om iemand te kunnen helpen?

  • Ben jij al eens geholpen toen je een probleem had? Hoe voelde dat voor jou?

Prent 8 – Vogels maken kabaal op takBoom zkt school prent 8 vogels maken kabaal op tak

Sleutelvragen die bij deze prent horen:

  • Wat vinden jullie zelf een goed plekje voor het zaadje van Boom? Waarom?

Prent 9 – Vogels terug op Boom met voorstellenBoom zkt school prent 9 vogels terug op Boom met voorstellen

 

Prent 10 – Mus stelt speelplaats voorBoom zkt school prent 10 mus stelt speelplaats voor

Sleutelvragen die bij deze prent horen:

  • Wat vinden jullie van onze speelplaats? Leuk/ niet leuk? Waarom?

  • Zou Kleine Boom ook op onze speelplaats een plaatsje kunnen krijgen? Waar dan?

  • Wat denk je dat vogels en andere dieren ervan vinden als Kleine Boom op onze speelplaats een plaatsje krijgt? Waarom denk je dat?

Prent 11 – Boom is blijBoom zkt school prent 11 boom is blij

 

Prent 12 – Blije Boom op de speelplaatsBoom zkt school prent 12 blije boom op de speelplaats

Tips en suggesties voor lesactiviteiten rond het PLANTEN VAN EEN BOOM op school:

  • We kiezen bij voorkeur voor een boom van hier. En waarom zouden we niet voor een fruitboom kiezen? Dat is toch ook een boom en daar groeit bovendien lekker fruit aan. Ga je voor fruit? Kies dan voor een hoogstamfruitboom.

  • Hier kan je terecht voor hulp en goede raad:

  • Selecteer, na grondig opzoekwerk, een top 3 van bomen die jullie op school zouden willen. Print foto’s van de boom, de bloesem, en de vrucht. Hang omhoog en laat kinderen, ouders, en team kiezen welke boom ze op school willen.

  • Maak van het planten van Boom Op School een echt feest. Betrek zeker ook de ouders bij het feest.

GOUDEN TIP -  Experimenteer of je met zaden van verschillende bomen (kers, okkernoot, eikel, berk, …) zelf bomen kan kweken (van zaadje tot boom). Voorzie hiervoor een geschikt plaatsje met veel compost.

De prenten waarnemen

De personages in het verhaal

  • Boom (prent 3, 4, 5 en 11)
  • Merel (prent 3, 4, 5, 7, 8 en 11)
  • Ekster (prent 9 en 11)
  • Duif (prent 9 en 11)
  • Mus (prent 6, 7, 8 en 10)

Gevoelens van de boom

  • prent 2 (verdrietig)
  • prent 7 en 9 (stilaan blij, maar nog niet echt tevreden)
  • prent 11 en 12  (blij)

Vogels

  • Prent 1, 3, 4 en 5: wat is de naam van de zwarte vogel?
  • Prent 6:  wat is de naam van de vogels?
  • Prent 7:  welke vogels zitten in Boom?
  • Prent 8:  welke vogels zitten op de takken?
  • Prent 9:  welke vogels doen hun voorstel?
  • Prent 10: wat is de naam van de bruine vogel?
  • Prent 12: welke vogels zijn er  te vinden? Vergelijk met prent 3.

Goed zoeken ...

  • Prent 3: welke dieren zitten nog op de boom?
  • Prent 7:  wie regelt het? Waaraan zie je dat?
  • Prent 8: wat heeft de zwarte vogel op zijn hoofd/ kop?  Waarom?
  • Prent 8: welke verschillen zie je tussen de vogels?
  • Prent 8 biedt ook gelegenheid om woordenschat in verband met vogels op te nemen: bek, snavel, hoofd of kopje, gele oogring van de merel (mannetje), romp, staart, veren, vleugels, poten, tenen, …
  • Vergelijkend waarnemen van prent 10 en prent 12: welke verschillen zie je?
  • Gedetailleerd waarnemen van prent 12: wie zit er in Boom? Wat doen kinderen en leraren/ ouders aan Boom

Echt of niet echt

  • Op welke echte boom lijkt Boom? Voorzie andere prenten/foto’s en geef uitleg over bv. baobab, fruitboom,…
  • Bij alle prenten: kan dit echt of niet zoals op de prenten? Wat kan niet echt?

Woordenschat en uitdrukkingen in het verhaal

Algemeen

allerbeste /  als bij toverslag /  deugd doen / een schitterend idee / fier /  geen sikkepit / gespannen / herfst / jawadde / juichen / kilometer /  klus / koesteren / krabben / kriebelen / lijken / nieuwsgierig / nog jarenlang / ravotten / slap / stilaan / verstommen / verwennen / vodden / vragend aankijken / zingend.

Bomen

Bladeren / kruin/ plots de lucht in schieten / schaduw / stam / takken / zaadjes de wereld insturen /  zaaien

Vogels

fluiten / kabaal / kakelen als kippen / koeren / komen aanvliegen / schetteren / tsjilpen / veren / vleugels uitslaan / vogelvriend / wegvliegen. Zie ook woordenschat bij waarneming prent 8

De inleving versterken

Inlevingsmoment of -activititeit

Bewegingsmoment of -activiteit in combinatie met het activeren van (voor)kennis in verband met bomen

Inlevingsspelen om zich in te leven in de personages

Door kringgesprekken zich inleven in elkaars belevingswereld

Verrijken van het vrij spel in poppenhoek en op speelmat om het zich inleven te oefenen

Participatie door de kinderen en de omgeving bevorderen

Zich nog meer inleven in de gevoelens van bomen en vogels

Inlevingsmoment of -activititeit

  • voor, na of tijdens het lezen van het verhaal
  • je onderbreekt het verhaal best niet te veel
  • binnen of buiten / onder een boom / op een kale plek waar nog geen bomen of planten staan...

Bewegingsmoment of -activiteit in combinatie met het activeren van (voor)kennis in verband met bomen

  • staan als een stevige boom met dikke stam en stevige, fiere takken, grote kruin, voeten stevig op de grond als wortels, vingers of doekjes als blaadjes bewegen, zachte wind, veel wind, boom valt om door wind/storm, …
  • kleine boom staat in de zon en groeit (zomer), wind in de boom, blaadjes vallen (herfst), rusten (winter), blaadjes krijgen, geritsel van blaadjes (lente), boom wordt groter en groeit weer verder, …
  • takken naar beneden, takken schieten plots de lucht in, triestige boom, zachtjes of luid huilende boom, blije boom, boze boom, bange boom
  • boom alleen, in duo of in groep
  • kleuteryoga: de boomhouding, je inleven in een groeiende boom: eerst als zaadje in de grond (gehurkt, hoofd omlaag), klein boompje (hoofd opheffen), groeien (langzaam rechtstaan), takken groeien (armen langzaam opheffen, eventueel ook 1 voet naar knie brengen), takken groeien verder (armen langzaam uitrekken),…

Inlevingsspelen om zich in te leven in de personages

  • zich inleven in Boom: leerkracht is Boom, kleuters gaan in gesprek met Boom en mogen vragen stellen
  • rollenspel: gesprek tussen de leden van familie Boom: jong, oud en heel oud
  • een groepje kinderen kan zich in de vogels inleven. Je stelt samen met de andere kinderen vragen: wie ben je, eigenschappen, wat stel je voor om Boom te helpen enz.
  • dramatiseren, naspelen van het hele verhaal met alle personages: Boom, vogels, kind, leerkracht, ouder, …

Door kringgesprekken zich inleven in elkaars belevingswereld

  • kringgesprek over wenen en troosten:  verdriet, wenen, tranen, hoe ween je? waarom ween je?  wat doe je als iemand weent?
  • kringgesprek over jong zijn en oud worden: groeien, afscheid nemen, sterven, laatste blaadje, laatste zaadje
  • kringgesprek over helpen en tevreden zijn: hoe helpen, gevoelens bij helpen, hulp vragen.

Verrijken van het vrij spel in poppenhoek en op speelmat om het zich inleven te oefenen

  • aanbieden van enkele knuffels van vogels, nestkastjes of nestjes, vogelzaadjes, voederplankje, drinkbakje.
  • aanbieden van houten figuurtjes en huisjes die de familie Boom voorstellen: papa, mama, tante, mammie, zus, broer, oma, opa, andere, …

Participatie door de kinderen en de omgeving bevorderen

  • de kleuters krijgen veel kansen om te kiezen in wie zich willen inleven, bijvoorbeeld bij het hervertellen van het verhaal: in Boom of iemand van de familie Boom, in 1 van de vogels of kriebeldiertjes.
  • grootouder uitnodigen in de klas om een gesprek te voeren over houden van bomen, zorgen voor vogels, zorgen voor elkaar, van klein naar groot, groeien en oud worden, de levensloop, sterven en in zaadjes blijven voortleven. Dit gesprek kan ondersteund worden met enkele foto’s.

Zich nog meer inleven in de gevoelens van bomen en vogels

  •  ‘Het verborgen leven van bomen voor kinderen’ (en andere boeken) van boswachter Peter Wohleben
  • ‘De zintuigen van vogels. Hoe voelt het om een vogel te zijn?’ van  Tim Birkhead

Acties om samen met de kinderen uit te voeren

Samen met de kinderen kan je reeds aanwezige planten en bomen nog eens extra verwennen

Je kan een boom uit het bos of de omgeving adopteren

Na het experimenteren kunnen de kinderen met kennis van zaken zaadjes en plantjes binnen en buiten planten

Kleuters kunnen ook extra zorg dragen voor vogels

Je kan samen met de kinderen ook kiezen om het wat grootser op te zetten met een vier- en toonmoment

Participatie door de kinderen is zeer belangrijk bij het vergroenen van de speelplaats en de school

Ook personen uit de omgeving kunnen participeren

Voor wie nog meer wil

Samen met de kinderen kan je reeds aanwezige planten en bomen nog eens extra verwennen

  • zie waarneming van bomen en planten: opruimen, water geven, …
  • bomen knuffelen, voelen, koesteren, omringen, bezingen, dansen, decoreren, slinger of vlagjes, breiwerk aanbrengen, spelletjes, meditatie-moment, yoga, fotograferen,….

Je kan een boom uit het bos of de omgeving adopteren

  • dit is kiezen om de boom doorheen het jaar te volgen.
  • zie artikel van Kees Both in Adopteer een boom! Natuuronderwijs: Bomen het jaar rond. In: De wereld van het jonge kind, september 2006, blz. 2-5. Welke boom kies je? Tips voor activiteiten doorheen het schooljaar. Een klassikaal bomenboek en-hoek maken. Individuele ‘bomenmapjes’ uitwerken.

Na het experimenteren kunnen de kinderen met kennis van zaken zaadjes en plantjes binnen en buiten planten

  • dit kan op een kale plek die eerst bewerkt wordt.
  • of wordt gekozen voor het plaatsen van plantenbakken op de speelplaats. De kinderen zoeken uit hoe ze hemelwater kunnen opvangen om de planten extra water te geven wanneer nodig.
  • misschien kunnen twee of meer tegels open gebroken worden om de speelplaats met zaadjes en plantjes te vergroenen.

Kleuters kunnen ook extra zorg dragen voor vogels

  • hemelwater voorzien in drinkbakjes
  • een voederplankje uitzetten en observeren, een voederbol maken
  • meedoen aan telacties

Je kan samen met de kinderen ook kiezen om het wat grootser op te zetten met een vier- en toonmoment

  • je kan werken met een top 3 van bomen die kunnen geplant worden (zie achterkant van prent 11  - Boom is blij).
  • anderen hebben de kans om kennis te maken met het verhaal van Boom die een school zoekt, het beeldend werk, thematafel, onderzoekstafel en resultaten van de onderzoeken,…
  • het planten van de boom gaat samen met feesten, zingen, een toespraak, een engagement t.o.v. de boom vastleggen, een kinderdrink waarbij de boom ook water krijgt,…
  • er kunnen zelfgemaakte of gevonden ‘pluimen’ gegeven worden aan kinderen die elkaar helpen zoals de vogels in het verhaal, laan eerkrachten, onderhoudspersoneel, directeur, anderen.
  • de adoptie van een boom kan gevierd worden.
  • er kan een herinneringsboom geplant worden bij een speciale gebeurtenis.
  • er kan een plantje als geschenk meegegeven worden.
  • je kan je actie eventueel ook inschakelen in een actie van de gemeente of een vereniging.

Participatie door de kinderen is zeer belangrijk bij het vergroenen van de speelplaats en de school

  • de kinderen kunnen leren hun mening uitwisselen over verschillende onderwerpen: de speelplaats, bomen en vogels. Ze kunnen voorstellen doen bv. bij het kiezen van een goede plek  voor het zaadje van Kleine BOOM. Of besluiten om het zo te laten en vooral in te zetten op het beter zorgen voor de bestaande speelplaats.
  • de kinderen kunnen mee beslissen welk boompje ze gaan planten.
  • ze kunnen uitgedaagd worden tot het kiezen van andere acties en wie ze ermee willen bereiken (andere klassen, directie, onderhoud, gemeente, pers,…).
  • ze kunnen aan elkaar en aan anderen buiten de klas uitleggen waarom bomen en vogels belangrijk zijn. Ze kunnen tonen hoe je er voor kan zorgen.
  • de kinderen kunnen kiezen om te leren opkomen voor meer bomen en planten op school. Dit kan op verschillende manieren waaruit ze kunnen kiezen: een brief opmaken en overhandigen aan de directeur of voorzitter, een optocht, bordjes plaatsen waar een boom moet komen,….
  • de kleuters kunnen mee keuzes maken bij de voorbereiding en organisatie van een toonmoment.
  • ze maken keuzes bij het beeldend verwerken van  hun ervaringen die tijdens het toonmoment tentoongesteld worden


Ook personen uit de omgeving kunnen participeren

  • iemand uitnodigen om te tonen hoe je een boom plant, snoeit, mest, verzorgt,..
  • ouders en grootouders betrekken in de top 3 van bomen om op school te planten
  • ouders en grootouders, een andere klas, of anderen uitnodigen op een toonmoment

Voor wie nog meer wil

  • bomen elders: zie bijvoorbeeld prentenboek over Wangari Muta Maathai (Kenia 2004) die o.m. met een grootse boomplantactie een Nobelprijs kreeg.
  • bomen en bossen in de actualiteit: red het bos, bosbranden, bomen die weg moeten voor een fietspad, exoten, ontginningen Amazonewoud, verbranden van hout,…

Het denken, waarnemen en onderzoeken stimuleren

De wens van een fiere oude Boom:

  • dat zijn laatste zaadje een mooie Boom kan worden net, als hij
  • dat Kleine Boom kinderen om zich heen heeft, die echt van hem houden. Kinderen die bomen knuffelen, aan hem ruiken, genieten van zijn schaduw en in de herfst met zijn bladeren spelen
  • als Kleine Boom groot en sterk is mogen de kinderen bij hem ravotten en kunnen de vogels in zijn kruin wonen.

Dit verhaal bevat dus een wens die de kleuters uitdaagt om samen iets te ondernemen. Het is aangewezen om bij de verwerkingsactiviteiten:

  • na te gaan hoe de kleuters de wens van Boom begrijpen
  • kleuters kansen te bieden om hun mening te geven over die oproep
  • als leerkracht wat tegengewicht te geven om meerdere meningen aan bod te laten komen. Dit kan bv. door alternatieven aan te bieden zoals in het voorstel van  Merel: “Maar waarom zaai je het niet gewoon aan je voeten in het bos?”.

Voor je overgaat tot actie, kan je samen met de kinderen onderzoeken en waarnemen. Er zijn veel onderzoeksactiviteiten mogelijk die aansluiten bij het verhaal van Boom. De keuze is onder meer afhankelijk van de situatie van de speelplaats en van de omgeving van de school.

Onderzoek van de speelplaats

Waarneming van bomen en planten op school of in de omgeving

Beeldende verwerking ‘mijn boom’

Experimenteren met plantjes en zaadjes: wat hebben zaadjes en plantjes nodig om te groeien?

Onderzoek naar vogels en kriebelbeestjes

Media inschakelen

Vrij spel

Voor wie nog meer wil

Participatie door de kinderen en de omgeving bevorderen

Onderzoek van de speelplaats

  • zijn er grote en kleine bomen, kleine en heel kleine planten? Waar groeien ze graag/ niet graag? Hoe kunnen we voor hen zorgen?
  • woont er een vogel, kan je zijn/haar nest zien?
  • waar spelen kinderen graag/ niet graag? De kinderen kunnen eens ‘uitvliegen’ met een opdracht zoals de vogels in het verhaal.
  • zijn er ‘grijze en grauwe’ plekken op de speelplaats?
  • waar zou er nog een boompje of plant kunnen staan?
  • eventueel een plan van de speelplaats schetsen en interessante plekjes voor boom, plant enz. aanduiden.

Waarneming van bomen en planten op school of in de omgeving

  • ontdekken van plaats en aantal bomen, soorten en vormen.
  • beleven van wat je met een boom kan doen: verstoppertje, klimmen, leunen, knuffelen, omringen, schaduw zoeken en erin of eruit zitten, …
  • het belang van bomen uitleggen:  huis voor vogels en kriebeldiertjes, lucht zuiveren, voor schaduw zorgen, mooie omgeving, houtproductie,…
  • opruimen, groen verzorgen, (hemel)water geven, vegen rond en onder een boom of zitplek inrichten, vertellen, drankje, picknick, voel-of ruikspel met blinddoek onder een boom,…
  • ontdekken van delen van de boom:  wortels, stam, schors, kruin, takken, zaadjes, bloemen, vruchten, knoppen, blaadjes, takjes, nest?, …
  • ontdekken van eigenschappen van de boom: omtrek van de stam (meten met verschillende maten), ruwheid van de schors, reuk, enkele bladeren verzamelen, luisteren naar een boom, …
  • herkenningskaarten van de soorten bomen en de bladeren leren gebruiken.
  • eventueel 2 bomen vergelijkend waarnemen.

Beeldende verwerking ‘mijn boom’

  • tekenen of schilderen van een boom en van wat kinderen er graag mee doen. De voorstellen ook uitproberen.
  • collage met gescheurde stukjes papier uit tijdschriften (variatie in groen en bruin zoeken) of met blaadjes van bomen en struiken.

Experimenteren met plantjes en zaadjes: wat hebben zaadjes en plantjes nodig om te groeien?

  • leren planten en zaaien.
  • kleine plantjes zoeken, verzorgen, eventueel herplanten  en hun groei vergelijken.
  • experimenteren met wat nodig is om te groeien, veronderstellingen formuleren en die al doende controleren (hypotheses leren toetsen). Zaadjes van dezelfde plant zaaien en op verschillende manieren verzorgen, al of niet in het zonlicht zetten, al of niet water geven, buiten of binnen zetten. zaadjes van verschillende planten zaaien in verschillende potten bv. ook doorzichtige zodat je wortels kan zien.

Onderzoek naar vogels en kriebelbeestjes

  • luisteren naar vogelgeluiden (geluiden herkennen/  opname maken), proberen fluiten of zingen als een vogel (blij, bang, verdrietig,…), luisterspel: de geluiden van vogels herkennen.
  • kijken naar vogels, hoog/ laag vliegen, zie je ze eten of drinken? Hoe kan je ze helpen? Occasioneel waarnemen van aanvliegen met takjes om een nest te bouwen, uit boom gevallen vogelnest, nestkastje, uitwerpselen, veren, …
  • ontdekken en herkennen van vogels uit het verhaal: merel, duif, ekster, mus, pimpelmees (zie prenten van het verhaal). Onderzoeken wat de vogels graag eten op het voederplankje.
  • ontdekken en herkennen van kriebelbeestjes: de bij, kever, lieveheersbeestje, spin, mier op en rond de bomen, onder hout of schors of steen (deze beestjes komen even aan bod in de tekst bij afbeelding 10).
  • herkenningskaarten van vogels en kriebelbeestjes leren gebruiken.

Media inschakelen

  • onderzoekstafel bij het raam zetten: verrekijkers, foto’s van vogels, herkenningskaarten, …
  • video schooltelevisie : groeien van een plantje, bloem, boom .
  • er zijn heel wat prentenboeken hierover:  zie bij voorbeeld Eric Carle, ‘Een zaadje in de wind’.
  • ontwikkelingsmaterialen: bv. ‘groeipuzzels’ van Rolf: van zaadje tot zonnebloem, boom doorheen de seizoenen, merels (zo bouwen merels hun nest en leren ze hun jongen vliegen zodat ze op hun beurt weer een nest kunnen gaan bouwen),…

Vrij spel

  • de poppenhoek aanvullen met materiaal om te zaaien en te planten
  • stappenplannen in verband met zaaien en planten aanbieden.

Voor wie nog meer wil

  • een boom volgen doorheen de seizoenen. Zie verder bij actie: een boom adopteren.
  • soorten bomen: fruitbomen, bloesems, vredesboom, lindeboom, mannelijk/vrouwelijk, geboorteboom, herinneringsboom, gevierde bomen, bomen van jaren, meiboom, kerstboom, …
  • bomen elders:  vertellen onder de baobab zie bv. Loske Judith, ‘Unter dem Baobab’.

Participatie door de kinderen en de omgeving bevorderen

  • de kinderen kiezen de bomen en vogel(s) waarover ze meer willen vernemen. Formuleren en uitwerken van onderzoeksvragen van de kinderen zelf.
  • iemand bezoeken of uitnodigen in de klas:  (groot)ouder met interessante hobby, iemand van de groendienst van de gemeente of organisatie, boomknuffelaar, vogelliefhebber, boswachter, boomverzorger, tuinarchitect, tuinaanleg, plantenkwekerij, houthandel, houtzagerij, ….
  • een boom over de jaren heen (groei doorheen de leerjaren): terug herhalen van het verhaal in ‘hogere leerjaren’; kinderen van de lagere school als ervaringsdeskundigen en als vertellers inschakelen in kleuterklassen.
  • kinderen brengen zelf prentenboeken uit de bibliotheek aan over vogels en bomen.